Sträucher pflanzen is een van de beste dingen die u voor uw tuin kunt doen. Struiken geven een tuin karakter, bieden beschutting aan vogels en insecten, en zorgen voor privacy. Toch weten veel mensen niet precies wanneer ze moeten beginnen, hoe diep ze moeten graven of welke struiken bij hun tuin passen. Gelukkig is het minder ingewikkeld dan het lijkt, als u weet waar u op moet letten.
Het juiste moment om struiken te planten
De herfst is voor de meeste struiken de beste tijd om te planten. De grond is dan nog warm genoeg zodat de wortels kunnen groeien, terwijl de plant zelf weinig energie nodig heeft. Dat geeft de struik een goede start voordat de winter begint. Voor bladverliezende soorten, zoals vlierbessen of forsythia, is de periode van oktober tot november prima. Immergroene struiken en naaldheesters met een kluit worden het liefst in september geplant. Het voorjaar is een goed alternatief als u de herfst hebt gemist. Plant dan tussen maart en april, voordat de warme zomer begint en de grond uitdroogt. Zomers planten werkt ook, maar dan moet u de struik vaker water geven omdat de warmte de grond snel droog maakt.
Zo plant u een struik stap voor stap
Een goede voorbereiding maakt het verschil tussen een struik die groeit en een die wegkwijnt. Begin met het graven van een kuil die minstens twee keer zo breed is als de wortelkluit, en even diep. Zo hebben de wortels genoeg ruimte om zich te spreiden. Laat een struik die in een pot zit eerst een uur in water staan zodat de kluit goed vochtig is. Zet de plant daarna rechtop in het gat, zodat de bovenkant van de kluit gelijk ligt met het grondoppervlak. Te diep planten belemmert de groei. Vul het gat daarna op met de uitgestoken grond, eventueel gemengd met wat compost. Druk de grond licht aan zodat er geen luchtbellen achterblijven en geef de struik daarna meteen water. Leg rondom de plant een laag boomschors of bladcompost neer van ongeveer vijf centimeter dik. Dit houdt het vocht vast en remt onkruid.
Struiken kiezen die bij uw tuin passen
Niet elke struik groeit goed op elke plek. De keuze hangt af van de grondsoort, de hoeveelheid zon en wat u wilt bereiken. Wilt u een afscheiding tussen uw tuin en die van de buren, dan zijn leibomen of dichte heesters zoals laurier of liguster een goede keuze. Voor kleur in de lente kiest u eerder voor een sierkers of een forsythia. Houdt u van bloemen én geur, dan past een vlinderstruik of een sering goed. Zure grond is de voorkeur van rododendrons en hortensia’s, terwijl lavendel juist gedijt op droge, zonnige plekken met kalkrijke grond. Kijk ook naar de uiteindelijke grootte van de plant. Een struik die uitgroeit tot drie meter hoog staat te dicht op een klein terras. Lees de plantenlabels goed of vraag advies bij de tuincentra om teleurstellingen te voorkomen.
Onderhoud na het planten
Na het planten begint het echte werk pas. De eerste weken zijn belangrijk: geef de struik regelmatig water, vooral als het droog weer is. De wortels zijn nog niet diep genoeg om zelf voldoende vocht op te nemen. Na één groeiseizoen redden de meeste struiken zich beter zelf. Snoeien helpt om de plant mooi van vorm te houden en de bloei te stimuleren. Wanneer u snoeit, hangt af van de soort. Vroeg bloeiende struiken snoeit u direct na de bloei, zodat ze de rest van het seizoen nieuwe bloemknoppen kunnen aanmaken. Struiken die in de zomer of herfst bloeien, snoeit u in het vroege voorjaar. Geef struiken een keer per jaar voeding, bij voorkeur in het voorjaar met een langzaamwerkende meststof. Houd ook de grond rondom de plant los en vrij van onkruid, want dat concurreert om voeding en water.
Veelgestelde vragen
Hoe diep moet de plantgat zijn voor een struik?
Het plantgat voor een struik moet even diep zijn als de wortelkluit, maar minstens twee keer zo breed. Als de kluit te diep staat, kan de plant moeilijker ademen en groeien. De bovenkant van de kluit moet gelijk liggen met het grondoppervlak.
Moet je een struik na het planten snoeien?
Direct na het planten is snoeien niet nodig, tenzij er beschadigde of dode takken zitten. Wacht met een grote snoeibeurt tot het eerste groeiseizoen voorbij is. Dan kunt u beter zien hoe de plant zich heeft ontwikkeld.
Hoe ver moet je struiken van de erfgrens planten?
In Nederland geldt meestal een minimale afstand van een halve meter tot de erfgrens voor struiken die lager blijven dan twee meter. Voor hogere beplanting is de afstand doorgaans twee meter. Controleer dit bij uw gemeente, want regels kunnen per gemeente verschillen.
Wat doe je als een struik na het planten slap hangt?
Als een struik na het planten slap hangt, heeft de plant waarschijnlijk te weinig water of te veel zon gekregen. Geef de struik direct een flinke hoeveelheid water en scherm hem tijdelijk af van direct zonlicht. In de meeste gevallen herstelt de plant binnen een paar dagen.
